2024
Het geschil
Een consument liet een witte jurk van zijde, polyamide en elasthaan reinigen. Na de eerste behandeling werden meerdere grote vlekken zichtbaar. Ook na twee aanvullende behandelingen bleven de vlekken aanwezig en kwamen er volgens de consument meer vlekken bij. De jurk was daardoor niet meer draagbaar.
Standpunt consument
De consument stelt dat de jurk vóór de reiniging geen zichtbare vlekken had. Na de behandeling vertoonde de jurk grote vlekken en een sterke chemische geur. Ondanks meerdere herstelpogingen bleef de jurk volgens de consument onbruikbaar.
Standpunt textielreiniger
De textielreiniger stelt dat de jurk eerst met de hand is gewassen. Toen daarna vlekken zichtbaar werden, is een chemische reiniging uitgevoerd. Vervolgens is in overleg met de consument nogmaals een handwasbehandeling toegepast. Volgens de textielreiniger zouden de vlekken al in de stof aanwezig kunnen zijn geweest en door de reiniging zichtbaar zijn geworden.
Uitspraak klachtencommissie
De eerste handwasbehandeling was volgens het onderhoudsetiket toegestaan. De daaropvolgende chemische reiniging was echter niet toegestaan: op het etiket stond duidelijk dat de jurk niet chemisch mocht worden gereinigd.
De deskundige kon niet vaststellen waardoor de vlekken precies waren ontstaan. Wel staat vast dat de textielreiniger een behandeling heeft toegepast die in strijd was met het onderhoudsetiket. Daarnaast had de textielreiniger bij inname moeten controleren of er al vlekken of beschadigingen aanwezig waren en zo nodig een voorbehoud moeten maken.
De klacht is gegrond. De textielreiniger wordt geadviseerd de consument een passende vergoeding aan te bieden.
